Beeld2bij4tipsomdoelgroep

4 tips om met je doelgroep te creëren

Voor de burger, door de burger. De student. De patient. Veel organisaties zetten hun doelgroep in om diezelfde doelgroep aan te spreken. Voor wie je je werk ook doet, je wil dat diegene iets heeft aan jouw product of dienst. Je wil de jongere zijn volle potentieel laten benutten en steunen waar nodig, degene met Alzheimer ontzorgen en de best mogelijke zorg bieden, je klant voorop stellen in alles wat je doet. Om met jouw dienst of product écht aan te sluiten bij de behoefte van je gebruiker, is je inleven niet genoeg. Dan wil je de mensen voor wie je het doet betrekken, vanaf het eerste moment. Zodat jouw product of dienst écht is wat ze nodig hebben op dat moment. Want waarom zou je anders die moeite doen?

Er is volgens mij niet één manier, één werkwijze die daarbij altijd werkt. Samen met je doelgroep iets ontwikkelen is een constant proces van ontwerpen en experimenteren, ontdekken, fouten maken anders doen, opnieuw doen, weer een stapje verder komen, herontwerpen, verder ontdekken, etc. Dat is nooit af en er komt nooit één gouden regel. Er zijn wel een aantal uitgangspunten waarmee, zo leert de ervaring, je een heel eind komt.

  1. Heb het lef om niet te weten

Stel je gaat als gemeente voor de vraag wat te doen met die open ruimte in een willekeurige wijk: Willen we een speeltuin of een buitenpodium? Als buurtbewoners vanaf het begin mee hebben gedacht óver en gewerkt áán de invulling van hun plein, is het resultaat ook echt van hen. Dan is de kans groter dat ze er tevreden mee zullen zijn en gebruik van gaan maken. Als je écht mag bijdragen, zit er waarde in voor jou. Eigenaarschap is geen momentopname. Af en toe checken of de koers die je bedacht hebt ook aansluit bij de behoefte van degene voor wie je het doet, is niet genoeg. Je kunt als innovatieteam van een bejaardentehuis 100 ideeën hebben over hoe zorg beter kan, maar wat zouden de bewoners zelf willen? En wat kunnen en willen ze daar aan bijdragen?

Eigenaarschap ontstaat door een constant proces van cocreatie. De doelgroep geeft inhoud en input aan de koers, met behulp van kaders en soms randvoorwaarden van experts en proces begeleiders. De openingsvraag moet open en aan het begin van het proces zijn. Zo kan input echt nog uit alle richtingen komen. Investeren we op een school in het creëren van studieplekken of in nieuwe technologie? Aan het antwoord op deze vraag zou een vraag aan studenten ten grondslag kunnen liggen als: hoe kunnen we zorgen dat jij zo goed mogelijk wordt ondersteund in de voorbereiding op je toekomst? Organiseer dat de input die studenten leveren in samenspraak is met een architect of techneut. Deze experts kunnen de mogelijkheden en onmogelijkheden in direct contact met de doelgroep schetsen. Zo krijg je de best mogelijke aansluiting van behoeften en wensen van de doelgroep op de (technische) mogelijkheden. Dit kan tot hele andere resultaten leiden dan een antwoord op de eerste vraag.

Een woning coöperatie die samen met bewoners een pand zo leefbaar mogelijk wil maken krijgt met de vraag “Hoe zou jij de ruimte onder het pand willen gebruiken” een heel ander niveau van betrokkenheid als wanneer de vraag zou zijn: “Willen jullie de bergingen delen met je buren, of niet?” Bij de laatste is een ondergrondse speeltuin of een wijnkelder geen optie, terwijl daar misschien wel veel meer gebruik van gemaakt zou worden als van een berging. En misschien zijn er dan wel een aantal bewoners met kinderen of een wijnhobby die echt betrokken raken. En die ook middelen en kennis willen inzetten om het idee te realiseren.

  1. Een goed proces is ook een resultaat 

Je zit in een vergadering. Onderwerp op tafel is: ‘vrijwilligers meer betrekken.’ Iedereen ziet de stip op de horizon, bijvoorbeeld: samen mét jongeren werken om andere jongeren zo goed mogelijk te ondersteunen. Er zijn iedere vergadering wel 5 nieuwe ideeën over hoe dat er in de praktijk uit zou moeten zien. Inhoudelijk zijn alle skills er om gewoon eens te starten met een paar van die ideeën. Alleen zijn er nog 7 andere onderwerpen op de agenda en is de tijd bijna om, bovendien is Manu er vandaag niet en lijkt Fran een beetje afwezig, heeft iedereen nog 100 dingen op zijn bord en zijn of haar handen vol aan haar dagelijkse werk.

Als je wil dat ideeën tot resultaat komen en iedereen betrokken blijft heb je iemand nodig die het proces faciliteert. Iemand die op de tijd let zodat de vaart erin blijft. Iemand die acties koppelt aan al die mooie ideeën. Iemand die zorgt dat iedereen aan bod komt, ook de mensen die niet snel zelf het woord nemen. Iemand die zorgt dat de verhouding tussen ervaringsdeskundigheid en inhoudelijke expertise klopt. Iemand die lastige onderwerpen benoemd en bespreekbaar maakt zodat je verder kan. Die zorgt dat iedereen zijn of haar rol goed kan vervullen en follow up geeft aan dat wat is afgesproken. Die degenen die er niet waren even betrekt bij wat er is gedaan via een berichtje of telefoontje. Kortom iemand die de edele kunst verstaat van dingen gedaan krijgen met elkaar.

  1. Neem jezelf mee

Leidinggevende, deelnemer, projectleider, begeleider, professional of coördinator: welke rol je ook hebt, je bent onderdeel van de groep. Bij eigenaarschap hoort ook openheid. Hoe jij erbij zit heeft altijd invloed op de dynamiek in de groep. Welke rol je ook hebt. Wees je daar bewust van. Zelf heb ik een keer een meeting gefaciliteerd toen mijn oma net was overleden. Ik dacht ‘ik red me wel.’ Vervolgens kwam ik te scherp uit de hoek naar iemand die dat echt niet verdiende en ook de rest van de avond uit het veld geslagen was. Was niet nodig geweest. Bovendien had het team er op dat moment waarschijnlijk veel meer aan gehad als ik in het midden had gelegd wat we die meeting toch konden doen ondanks het feit dat ik er niet bij was met mijn hoofd.

Natuurlijk wil je niet altijd alles met iedereen delen, dat hoeft ook niet. Maar eigen behoeften, grenzen en/of kwetsbaarheden aangeven houdt de dynamiek en de lucht wel zuiver.

Dat geldt ook voor weten wat je kan én wat een ander beter kan doen. Deel dat met de groep. Ben jij een inspirator en krijg je een groep als vanzelfsprekend mee in een idee? Dan ben je waarschijnlijk niet de persoon die ervoor zorgt dat het project ook een plek krijgt ná een vliegende start. Die rol kan dus mooi worden vervuld door iemand die hier weer wel talent voor heeft. Dit zit ook vaak in minder voor de hand liggende dingen. Ben je resultaatgericht maar vergeet je vaak te checken of iedereen je nog volgt? Vraag iemand die daar wel goed in is verantwoordelijk voor te zijn. Vind je het irritant als een meeting uitloopt maar ben je niet goed in de tijd in de gaten houden? Vraag iemand of de hele groep dit met jou te doen.

  1. Vraag en deel

Toen ik laatst een event op een school organiseerde had ik zonder de leerlingenraad de livestream op Facebook niet gehad, de keuze voor de workshops anders gemaakt en was nooit op het idee gekomen om als goed doel het bejaardentehuis om de hoek te kiezen; wat een groot succes was.

Bij vragenlijstjes, bijeenkomsten die je organiseert, materiaal dat je zoekt, voorstellen die je doet. Vraag wat je nodig hebt, deel wat je wil, geef ‘overige’-optie of eindig met een ‘vraagteken’. Altijd. Je weet nooit welke verassende, doeltreffende input of briljante aanvulling je krijgt. Of je er wat mee doet, is een volgende punt.

Heb jij ervaring in samen met je doelgroep creëren die je wil met ons wil delen? Mail dan naar femke.hulsenbek@kernkonsult.nl